Meer

Vragen over locaties bodemverontreiniging

Haarlem telt zeven locaties waar de grond zo ernstig verontreinigd is dat het een bedreiging kan vormen voor bewoners of omwonenden. Dat blijkt uit een lijst met zogenaamde ‘humane spoedlocaties’ van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De PvdA wil weten hoe deze plekken voor 2015 gesaneerd gaan worden. Samen met fractiegenoot Hans van der Bruggen heb ik hierover schriftelijke raadsvragen gesteld aan het College van B&W van Haarlem.

Nederland telt 414 locaties van deze zogenaamde humane spoedlocaties bodemverontreiniging. Zeven van deze locaties bevinden zich in Haarlem. Dat blijkt uit een lijst die het ministerie van Infrastructuur en Milieu op verzoek van dagblad Trouw heeft vrijgegeven. De vervuilde terreinen moeten met voorrang worden aangepakt en vóór 2015 zijn gesaneerd. De dertig grote gemeenten zijn volgens staatssecretaris Atsma zelf verantwoordelijk voor deze sanering.

Onder de zeven locaties op de lijst in Haarlem bevindt zich een aantal bekende plekken, zoals het Reinaldapark, de Put van Vink en het Deliterrein. Op de lijst staat echter ook een aantal locaties die bij de gemeenteraad nog niet bekend zijn. Onduidelijk is nog of er voor die plekken al een saneringsplan bestaat.

De PvdA hecht grote waarde aan leefbare en gezonde wijken. Ernstige bodemvervuiling moet daarom zo snel mogelijk worden aangepakt. Wij willen daarom van het College weten wat precies de problematiek is op deze zeven plekken en in hoeverre er gevaar bestaat voor de volksgezondheid. Ook willen wij weten op welke manier dit voor 2015 kan worden aangepakt. Tenslotte vragen wij het College in hoeverre door de verontreiniging bestaande (woning)bouwplannen in gevaar komen.

Je kunt de raadsvragen hier downloaden als Word-document.

Eén reactie op Vragen over locaties bodemverontreiniging

  1. Conny Veenings 2 november 2011 at 13:51 #

    Geachte heer Fritz,

    Het is fijn om te merken dat er iemand de moeite neemt om het college van B&W vragen te stellen over deze lijst. Ik heb vanuit mijn beroep inhoudelijke kennis over de achtergrond van de materie. Ik werk bij een bedrijf dat voor o.a. de provincies Zuid-Holland en Limburg onderzoeken naar huma spoedlocaties heeft uitgevoerd. Ik woon in Haarlem en ken de locaties op de Haarlemse lijst van humane spoedlocaties als “hoofdpijndossiers”, waarvan al langere tijd bekend is dat ze ernstig verontreinigd zijn door de activiteiten in het verleden. Er zijn mij een aantal zaken opgevallen, die in jullie raadsvragen niet naar voren komen.

    Uit openbare informatie weet ik dat de Haarlemse lijst 6 locaties bij naam en toenaam noemt: http://www.haarlem.nl/fileadmin/A-Z/Milieu/overig_2011/spoedlocaties_bodemverontreiniging.pdf
    Echter, de “lijst van Atsma” d.d. 01/07/2011 noemt er 7. Ten opzuchte van de voorgaande lijst zijn er 2 locaties bijgekomen.
    Welke locatie ontbreekt er in de Haarlemse lijst en waarom is deze locatie daarvan afgevoerd? Overigens de locatie aan de Transvaalstraat betreft NIET het Deliterrein, maar ligt aan de andere kant van de Transvaalstraat (ten zuiden van het Deliterrein).

    De locaties die met naam en toenaam door de gemeente Haarlem via internet zijn gepubliceerd, zijn niet allemaal op http://www.bodemloket.nl vermeld. Waarom staan niet al deze locaties vermeld? Het zijn gevalen die al langere tijd bekend zijn. Ik geef u 2 voorbeelden van locaties, waar de gemeente Haarlem eigenaar/verantwoordelijke partij is: Put van Vink en Stortplaats Penningsveer. Geheel op basis van openbare informatie en niet op basis van geruchten of stemmingmakerij.

    Put van Vink: Naar aanleiding van vragen van statenlid Hisschenmöler aan GS van Noord-Holland, waaruit blijkt, dat er reeds in 1994 al informatie over ernst en urgentie beschikbaar was en er al in 1992 een saneringsbevel van de provincie Noord-Holland aan de gemeente Haarlem lag. Zie deze link: http://www.noord-holland.nl/zoeken/get_url.asp?page=/pdfstukken/PS/VRAGEN/1994/VA060507.94.pdf

    Stortplaats Penningsveer: Hiervoor gaf de gemeente Haarlem een ontwerpbeschikking Wbb af aan zichzelf, zie de stadskrant van 14 april 2011. Uit de rapporten die aan deze ontwerpbeschikking ten grondslag liggen, blijkt dat al sinds midden jaren ’90 onderzoeken zijn uitgevoerd t.p.v. het stort. De ontwerpbeschikking geeft aan dat er een humaan risico is, dat binnen 3 jaar na dagtekening een saneringsplan moet worden opgesteld en dat er voor 2015 gestart moet worden met saneren. Dat is dus iets heel anders dan de lijst van humane spoedlocaties vermeld (citaat: “voorkomen blootstelling, in 2012 onderzoek, gevolgd door voorbereiding sanering”). De vraag is wat er sinds afgelopen april veranderd is. Waarom spreekt de gemeente Haarlem in openbare informatie over deze locatie zichzelf tegen?

    De Haarlemse lijst van humane spoedlocaties is voor mij niet vertrouwenwekkend. En de handelswijze van de gemeente Haarlem in de gevallen van de Put van Vink en de Stortplaats Penningsveer, bevestigen dat gevoel.

    De belangrijkste vraag aan het college van B&W had in mijn ogen dan ook moeten zijn hier de gemeente waarborgd, dat zij voor deze locaties ook daadwerkelijk in 2015 de humane risico’s weg heeft genomen.

    De invloed op bouwplannen voor deze locaties is ondergeschikt aan de verontreinigingen op deze locaties. Immers, de gemeente mag geen bouwvergunning afgeven als er nog een bodemverontreiniging aanwezig is die onaanvaardbare risico’s met zich meebrengt.

    Ik hoop u een zinvol kijkje in de keuken te hebben kunnen geven.

    Conny Veenings

Geef een reactie